Home » Entertainment » Lifehacks » Boodschappen doen met peuters – een goed idee?!

Boodschappen doen met peuters – een goed idee?!

boodschappen doen, kar

Boodschappen doen met kinderen. Het is iets waar al veel klaagzangen over geschreven zijn en waar ik me totaal niet in kan vinden. De mijne zijn namelijk niet zo. Mijn Monsters gedragen zich nog best prima in een winkel. Voor het overgrote deel doe ik in mijn eentje, met de beide Monsters, op vrijdag de grote boodschappen voor de week erna. Monster!1 kan ik vantevoren nog enigszins instrueren dat hij mama moet helpen en het is zo’n goedzak dat hij dan braaft knikt en het, met een paar reminders, dan ook wel doet. Monster!2 is nog zo klein dat hij in het opklapstoeltje in de winkelwagen kan zetten. Als ik ‘m dan wat in zijn handen geef gaat dat meestal ook goed. We hebben in ieder geval geen grote drama’s en ik kom nooit uitgeput thuis van het boodschappen doen.

Tot vandaag.

Toen kwam ik er achter wat mensen bedoelen wanneer ze zeggen geen zin te hebben in boodschappen doen met hun ukken erbij. En dat je inderdaad intens kan verlangen naar het alléén boodschappen doen. Zo erg dat het bijna als vakantie voelt wanneer je ze even niet bij je hebt en op je dooie gemak de aanbiedingen kan bekijken, merken kan vergelijken en in alle rust op zoek kan naar ingrediënten die je normaal nooit gebruikt dus waarvan je geen flauw idee hebt waar ze staan.

We waren namelijk nog niet van huis of het mekkeren begon al. Monster!2 wilde niet naar buiten en moest op de arm mee, en Monster!1 werd daarop een tikkeltje jaloers en wilde ook opgetild. Gemeen ook, dat zo’n uk van ruim anderhalf wel nog gedragen wordt en eentje van bijna drie niet. Het gejammer van Monster!2 werd ook niet echt minder, maar ik had het al enigszins voorzien. Ik hield hem een fopspeen voor, en als een vogeltje naar een worm hapte hij de fopspeen naar binnen. Klaar. Op dat moment had ik het me moeten bedenken. Dat het boodschappenverhaal een uitputtingsslag zou worden en het uiterste zou gaan vergen van mijn geduld. Maar nee, dat alarmbelletje in mijn hoofd werd overstemd door twee druk gillende en (inmiddels weer) lachende peuters. Dus hup in de auto, en op weg naar de supermarkt.

– We stappen uit de auto. Graafmachines zijn bezig met, duh, graven; Monster!1 wil kijken. Dus we gaan even kijken. Monster!2 wil ook kijken tot de slijpmachine aan gaat en de onbeschrijfelijke herrie teveel is voor zijn tere oortjes. Brullend wil hij opgetild worden.

– We pakken een karretje. Monster!2 gaat in het stoeltje. Monster!1 wil nog even kijken.

– Monster!1 wil toch in het karretje.

– Ohnee, toch niet. Monster!1 wil er weer uit. En kijken naar de graafmachine.

– Na de vurige belofte dat we na de boodschappen nog even gaan kijken, loopt hij mee. Keurig houdt Monster!1 het wagentje vast totdat we binnen zijn.

– Monster!1 wil appels pakken. Ohnee, snoeptomaatjes. En wat is dat? Oh, nog meer appels. Als een havik houd ik hem in de gaten en zeg hem te kijken met zijn ogen, en niet met zijn handen.

– Monster!1 wil in het wagentje.

– Monster!2 staat in het klapstoeltje als ik me heel even omdraai om iets te pakken.

– Ik laat Monster!2 weer zitten met enige dwang, en geef hem een zak aardappels in blokjes.

– Met Monster!1 in het wagentje heb ik bar weinig plek voor mijn boodschappen. Ik loop terug naar de ingang en neem een extra mandje, dat ik vernunftig plaats op de plek die normaliter gereserveerd is voor bierkratjes.

– Monster!1 wil uit het wagentje en wil ook een mandje. Na wat gejengel en jazeker, een traan die hij met moeite uit zijn ogen perst, krijgt hij het mandje wat al op het karretje staat. Hij sjokt achter me aan.

– Monster!1 kijkt niet uit waar hij loopt, blokkeert alle paden. Ik vraag hem even aan de kant te gaan, maar het heeft wat tijd nodig om bij hem door te dringen wat ik nu precies van hem vraag en waarom. Gelukkig zijn de senioren wiens pad hij blokkeert vriendelijk en wachten geduldig tot hij doorheeft dat niemand er door kan. En dan zet hij keurig een stapje opzij.

– Monster!1 wil ook dingen in zijn mandje. Totdat het mandje zo zwaar wordt dat hij hem niet meer kan dragen en het op een brullen zet als mama een stukje doorloopt.

– Monster!1 zet zijn mandje weer op het karretje en laadt zijn spullen over in het karretje. Daarna wil hij weer in het karretje zitten. Zitten lukt niet echt, dus ik haal hem er weer uit, deel de kar opnieuw in en zet hem er opnieuw in.

– Monster!2 wil weer uit het karretje. En staat alweer half op het klapstoeltje. Ik trek zijn benen door de juiste opening. Vindt ie niet leuk.

– Ik rij gauw naar het koekjesrek, laat Monster!1 een smaakje kiezen uit de evergreens, en geef ze beide een koekje. De rust keert weder en ik haal even diep adem.

– Niet voor lang, overigens. Ze willen beide uit de wagen als ze het speelhoekje met touchscreen achter in de winkel ontdekken.

– Monster!1 gaat helemaal op in het spelletje op de touchscreen. Monster!2 klimt op het bankje want hij kan er niet bij. Ik haal hem er weer af en ga in die hoek snel de benodigde boodschappen verzamelen.

– De Monsters willen niet mee als ik vraag of ze verder mee gaan boodschappen doen. Na uitdrukkelijke instructies dat ze daar moeten blijven, race ik 2 gangen door en kom weer terug. Monster!2 staat weer op de bank en moet wantrouwige blikken ondergaan van een medewerker die de schappen aan het bijvullen is. Monster!2 negeert hem, en ik negeer hem ook. Dit is voor mij standaard kost.

– Na nog een instructie om te blijven waar ze zijn loop ik de laatste gang in waarvan ik iets nodig heb. Als ik terugkom, zit Monster!2 niet meer op de bank maar staat hij zeer precies de bekertjes bij de koffieautomaat uit de dispenser te halen, en in de prullenbak te gooien.

– Na de belofte dat we gaan afrekenen, wil Monster!1 wel in het klapstoeltje.
Monster!2 moet daardoor in de wagen en is boos. Vakkundig keilt hij boodschappen op de vloer, waaronder een pot yoghurt die het ternauwernood overleeft.

– We rijden naar de kassa. Monster!1 wil uit het karretje.

– Als een ware personal assistent helpt Monster!1 de boodschappen op de band te zetten. Bij de boodschappen van de klant voor ons. Intussen loopt de cassier weg en weet niemand waar hij blijft. Hebben wij weer.

– Een collega neemt het over, Monster!1 kan weer verder opladen. Monster!2 laadt intussen alles weer in de kar. Ik zet alles er weer op.

– Als we door kunnen rijden houdt Monster!1 de kar tegen en wil weer terug de winkel in. Als dat niet mag, wil hij een koekje. “MAMA KOEKJE!!!” Ik vraag of hij dat even netjes wil vragen met “Mama, mag ik een koekje?” Dat wil hij niet, dus hij krijgt geen koekje.

– Dan wil Monster!1 een ijsje. Ook dat krijgt hij niet. De cassiere die haar collega vervangt, vraagt netjes of zij dan het koekje mag. Van mij mag het, van Monster!1 niet. Gillen alom. Ik negeer het.

– Monster!2 is intussen vrolijk op de knoppen van de pinautomaat aan het rammen. Als ik moet betalen, moet hij daar dus even vanaf blijven. Brullen. Maar hij mag wel op de groene knop drukken. Monster!1 is daar niet van gediend, want normaal mag hij dat altijd doen.

– We rijden de winkel uit en geef ze toch dat koekje. Het moederlijke vleesch is zwak.

– De graafmachines staan stil. Monster!1 kijkt bij het hek en moppert. Ik doe de auto open en laadt Monster!2 in.

– Monster!1 is weg. Als mijn hart al bijna in mijn keel zit spot ik hem bij de karretjes. “Kom hier!” sis ik. Mijn geduld is op. Definitief. Hij slentert naar me toe op een manier welke het bloed onder mijn nagels vandaan haalt (ff stoppen hier, even wachten daar, oh, daar ziet hij nog wat) en klimt in de auto, met een plastic lepel die hij gevonden heeft. Gatverdamme, waar heeft ie die nou weer vandaan?! Met een beslist gebaar klik ik de riem vast en maan mezelf diep in en uit te ademen.

Ik laad de boodschappen in, zet de kar weg en stap in. Godzijdank, we kunnen naar huis. En bedenk me dat ik me nu kan voorstellen dat boodschappen doen echt niet tof is met kinderen. En dat ik dan misschien nog mazzel heb omdat ze niet helemaal over de zeik met een driftbui op de grond gaan liggen en een nog grotere stennis schoppen dan vandaag. Mental note: volgende week doe ik ze op zaterdag wanneer vriendlief de Monsters kan entertainen. Dan ga ik eens genieten van het boodschappen doen in mijn eentje. Wedden dat dat inderdaad een beetje voelt als vakantie?

Volg:
Share:

2 Reacties

  1. Pingback: Driftbuiweekend |
  2. Pingback: How to… Boodschappen Doen met Peuters – Shattered Colors

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.